Bij fel zonlicht gebruik ik buiten een flitser om de schaduwen op de gezichten in te vullen. Staan jullie in een open veld, dan komt het licht van boven en krijg je donkere schaduwen onder de ogen; de flitser haalt die weg. Bij tegenlicht geeft de zon een gloed rondom en vult de flitser de gezichten in, en in de schaduw van een boom geeft hij nog een klein tikje extra. Met een telelens sta ik op afstand, waardoor de achtergrond mooi zacht wordt.
In deze video kijk je mee bij een familieshoot in het Westerpark in Zoetermeer, met een gezin met drie kleine kinderen. De shoot was in het voorjaar van 2020, tijdens corona. Met de telelens hield ik vanzelf ruim afstand, maar verder ging de shoot zoals altijd. Hieronder lees je per plek wat ik doe en waarom.
Waarom een flitser bij zonnig weer?
Omdat zonlicht van boven harde schaduwen geeft. Op een open plek in het park valt het licht recht van boven op jullie hoofd. Dan krijg je donkere schaduwen onder de ogen en de neus, en verdwijnen de ogen bijna. Daarom zet ik mijn flitser neer, die de schaduwen invult. Zo krijg je toch mooie, sprekende gezichten.
Ik gebruik de flitser net genoeg om de schaduwen op te lichten, zodat het licht er natuurlijk uit blijft zien.

Tegenlicht met een tikje flits
Een van mijn favoriete plekken in de video is een veld met riet, waar de zon prachtig doorheen scheen. Het gezin stond met de zon in de rug. Dat geeft een mooie gloed rondom haren en schouders, maar de gezichten worden daardoor wat donkerder. Met de flitser vul ik alleen de gezichten in, en zo heb je het beste van allebei: warm tegenlicht en goed belichte gezichten.

In de schaduw: alleen een klein beetje extra
Onder een grote boom heb je mooie schaduw, en daardoor al zacht licht op de gezichten. Ook daar gebruik ik vaak nog een flitser, maar dan alleen voor een klein tikje extra licht. Net genoeg om de ogen te laten glinsteren. Meer over hoe je dat zachte licht vindt en de ogen laat spreken, lees je in het geheim voor ogen die uitspringen in portretten.

Waarom een telelens?
Ik fotografeer buiten bijna altijd met een telelens. In 2020 was dat de Fujifilm 50-140mm op mijn Fuji X-T3 of X-T4, wat overeenkomt met 70-200mm op fullframe. Ik moet daarvoor wel op flinke afstand staan, maar daardoor is het onderwerp heel scherp en krijg ik een heel mooie zachte achtergrond. En omdat ik niet vlak voor jullie neus sta, letten kinderen veel minder op de camera.

Hoe houd je kinderen erbij?
Kinderen zijn gewoon heel beweeglijk. Daarom maak ik veel foto’s, zodat we straks genoeg keuze hebben. Ik probeer ook nooit te lang op dezelfde plek te blijven, want dat gaat heel snel vervelen. Voor een groepsfoto laat ik papa en mama knielen. Dan komen ze op gelijke hoogte met de kinderen, en dat geeft een mooie, hechte groepsfoto.

Flits ik nu nog steeds?
Ja, flitsen blijf ik doen. De flitser gaat altijd mee, en waar het nodig is, gebruik ik hem. Wel is het sinds ik met Sony fotografeer minder vaak nodig dan vroeger. Die camera’s hebben een heel groot dynamisch bereik, waardoor ik achteraf veel kan doen met de schaduwen en de lichte delen. Het allerliefst zoek ik nog steeds de schaduw op, met een bladerdak boven jullie hoofd: dan valt er zacht licht van voren op de gezichten. Hoe ik dat in het Westerpark aanpak, lees je in de Westerpark-gids.

Wat trek je aan?
Kies kleding waarin je je lekker voelt, houd het puur en simpel, en stem de kleuren met elkaar af. In het park is al veel groen, dus lichte en pastelkleuren werken vaak mooi. Alle tips lees je in mijn kledingtips voor een fotoshoot met de familie.
Meer over licht en het juiste moment lees je in het perfecte licht voor familiefoto’s, en hoe je iedereen aan het lachen krijgt in mijn tips voor een familie- of gezinsfotoshoot. Zin in een familieshoot in het park? Neem contact op.





